DeHypothekenMakelaar.nl
Financieel maatwerk van Annu´teit tot Zero-bond en VerbijsterendAdvies voor uw verzekering van Auto tot Zeilboot.

 

Autoverzekering andere eigenaar kan fout uitpakken ! Geschillencommissie doet tegengestelde uitspraken

Verzekeraars weigeren in verschillende zaken om schade uit te keren, als het kenteken niet op de naam van de verzekeringnemer staat. Consumenten klagen hierover bij het Kifid. Het Kifid buigt zich over de vraag of de eis dat het kenteken op naam van verzekeringnemer moet staan onredelijk bezwarend is, en of de verzekeraar deze eis zonder meer opnemen in zijn polisvoorwaarden en ten uitvoer brengen. In enkele zaken lijkt het Kifid deze vraag verschillend te beantwoorden. In dit artikel geven we een overzicht van enkele uitspraken.

De Geschillencommissie over de te naamstelling van het kenteken
Wij behandelen drie uitspraken van de Geschillencommissie van het Kifid waarbij in de polisvoorwaarden bepaald is, dat de verzekeraar dekking weigert wanneer het kenteken van het verzekerde motorrijtuig niet op naam van de verzekeringnemer of de partner staat.

Tweemaal wordt de verzekeraar in het gelijk gesteld, eenmaal de verzekeringnemer. Wij zetten de uitspraken op een rij en gaan op zoek naar de verschillen en overeenkomsten tussen deze zaken.

Uitspraak 2018-193 van 21 maart 2018
Een auto wordt gestolen. De verzekeraar beroept zich op een primaire dekkingsbepaling om niet uit te hoeven keren. Omdat de consument op de juiste wijze de mogelijkheid is geboden de voorwaarden in te zien, zijn de voorwaarden niet te vernietigen. De voorwaarde op zich is niet onredelijk bezwarend.
De voorwaarde waar het om gaat is dat het kenteken op naam van de verzekerde staat of op naam van de partner waarmee wordt samengewoond. Zo niet, dan is er geen dekking.

Op de ingangsdatum van de verzekering staat het kenteken van de auto op naam van de verzekerde. Ruim 7 maanden later wordt de auto op naam van een vriendin gezet. De verzekering wordt niet aangepast. Daarna doet de verzekeraar een schade-uitkering voor een voorval dat plaats vond na de naamswijziging. Weer drie maanden later is er weer een schade en nu beroept de verzekeraar zich op de naamswijziging en verleent geen uitkering en beëindigt de verzekering. De daarop volgende schade wordt niet door de verzekeraar vergoed.

In zijn klacht beroept de verzekerde zich er onder meer op dat de verzekeraar nalatig is, omdat hij consument er onvoldoende op heeft gewezen, dat het kenteken op van verzekerde of zijn samenwonende partner moet staan.

In de beoordeling hiervan stelt de Geschillencommissie: ‘De Commissie is ook van oordeel dat Verzekeraar Consument niet uitdrukkelijk op de bepaling ‘dat het kenteken op naam van verzekeringnemer dient te staan’ heeft moeten wijzen. Voor zover consument stelt dat Verzekeraar hem daar wel uitdrukkelijk op had moet wijzen, merkt de Commissie op dat de auto bij aanvang van de Verzekering op naam van consument stond waarmee consument voldeed aan deze voorwaarde en de autoverzekering vanaf dat moment dekking bood. Naar het oordeel van de Commissie had consument, dan wel zijn vriendin, zelf de verantwoordelijkheid om bij de wijziging van de tenaamstelling van de auto, na te gaan wat daarvan de gevolgen zouden zijn. Het lezen van
de voorwaarden of navraag doen bij Verzekeraar bijvoorbeeld, had eenvoudig de benodigde
duidelijkheid kunnen verschaffen. Dat consument pas nadat Verzekeraar zijn claim had
afgewezen, de betreffende voorwaarden heeft gelezen, komt voor zijn eigen rekening en
risico.'

De Geschillencommissie wijst de claim van de consument af.

Uitspraak 2019-005 van 3 januari 2019
In deze uitspraak gaat het om dezelfde primaire dekkingsbepaling bij dezelfde internetverzekeraar.

Hier voert de consument aan dat de verzekeraar hem tijdens het aanvraagproces de vraag had moeten stellen: “op welke naam staat het kenteken van de te verzekeren auto?” De consument kon uit de bewoording van de vragen zoals “UW auto”, niet begrijpen dat het kenteken op zijn naam gesteld moest zijn en dat hij een geleende auto niet kon verzekeren. De verzekeraar verwijst in zijn verweer onder andere naar de hierboven aangehaalde uitspraak.

De Geschillencommissie is van oordeel dat de verzekeraar in dit specifieke geval onvoldoende zorgvuldigheid heeft betracht om situaties te voorkomen waarbij verzekerden bij schade verrast worden door een primaire dekkingsbeperking. Het beroep van de verzekeraar op de eerdere uitspraak wordt terzijde geschoven omdat daar het kenteken van de auto bij aanvang van de verzekering wel op naam van de verzekerde stond. In dit geval stond het kenteken bij aanvang van de verzekering op naam van de eigenaar en niet van de verzekerde. Een vraag op het aanvraagformulier naar de eigenaar had hier de situatie meteen duidelijk gemaakt. In deze zaak krijgt de klant dus gelijk.

Uitspraak 2019-256 van 9 april 2019

In deze uitspraak betreft het een andere internetverzekeraar die dekking afwijst omdat de verzekerde niet de kentekenhouder van de auto was. Omdat in dit geval niet is gebleken van bijzondere omstandigheden waardoor een beroep op de redelijkheid en de billijkheid de werking van de voorwaarden kan voorkomen, wordt de vordering van de consument afgewezen.

In dit geval bleek het kenteken van de auto op naam van de zoon van verzekerde te staan. Dit zou zijn gebeurd omdat de zoon de auto namens de moeder had opgehaald. De verzekerde kan niet onomstotelijk bewijzen dat de auto haar eigendom is.

De Geschillencommissie overweegt, dat het geen belang heeft of de auto alsnog eigendom van de moeder is. Zij baseert haar oordeel op een uitspraak van de Hoge Raad (zie externe link) waarin het uitgangspunt werd vastgesteld dat ‘waar een verzekeraar in de primaire omschrijving van de dekking bepaalde evenementen heeft uitgesloten, een beroep op de primaire dekkingsomschrijving niet met succes kan worden afgeweerd met de stelling dat een beroep van de verzekeraar daarop naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar is met als argument dat de redenen waarom de verzekeraar dit soort evenementen niet wil verzekeren zich in het concrete geval niet voordoen. Met de dekkingsomschrijving heeft de verzekeraar immers de grenzen omschreven waarbinnen hij bereid was dekking te verlenen, hetgeen hem vrijstond’.

Conclusie
In de eerste uitspraak wordt erkend, dat de verzekeraar mag bepalen wat hij wel of niet wil verzekeren en heeft verzekerde geen gelijk gekregen. In de tweede uitspraak wordt een bijzondere omstandigheid opgevoerd waarom verzekerde toch gelijk moet krijgen. De auto stond bij aanvang van de verzekering niet op naam van de verzekeringnemer. Met een extra vraag op het aanvraagformulier had de verzekeraar het risico niet geaccepteerd en was het probleem niet ontstaan. In de derde uitspraak stelt de verzekerde dat het wel haar auto betreft, maar dat de auto ten onrechte op naam van haar zoon werd geregistreerd. De Geschillencommissie reageert hierop door naar eerdere rechtspraak te wijzen en te concluderen dat het niet uitmaakt hoe de feitelijke situatie was, omdat het verzekeraar vrijstaat te beslissen wat hij wel of niet wil verzekeren. Een auto waarbij het kenteken niet op de naam van verzekerde staat wil hij niet verzekeren.

Het maakt kennelijk verschil welke vraag gesteld wordt aan de Geschillencommissie om tot verschillende uitspraken te komen in vergelijkbare situaties. In zaak 2 en zaak 3 staat het kenteken van de auto bij aanvang van de verzekering op naam van een andere persoon dan de verzekeringnemer. Objectief gezien zou het ook in zaak 3 beter zijn geweest als de verzekeraar uitdrukkelijk de naam van de kentekenhouder zou hebben gevraagd. Als de verzekeraar wist dat het kenteken niet op naam van de verzekerde stond, dan had hij de verzekering niet geaccepteerd en had het probleem zich niet voorgedaan.

Wij zullen moeten wachten op een volgende uitspraak over dit onderwerp om volledige duidelijkheid te krijgen.

 

BRON: Fintool: VerbijsterendAdvies.nl

 

De vader van Dagmar belt zijn verzekeringsadviseur en verzoekt hem de auto van Dagmar op zijn naam te verzekeren. Wat is een juist gemotiveerd antwoord van de verzekeringsadviseur?

A.    Oké, dat ga ik regelen, zorgt u er wel voor dat het kenteken ook op uw naam komt te staan.

B.    Ik adviseer u de verzekering op de naam van uw dochter te zetten. Als u dat niet doet dan kunnen er problemen ontstaan in geval van schade.

C.    Dat kan ik voor u regelen. U dient er dan wel rekening mee te houden dat uw dochter geen zuivere schadevrije jaren opbouwt.

Uw antwoord B

Feedback

Het juiste antwoord is B.

 

Verzekeraars kunnen schade uitkering weigeren als blijkt dat de auto van de dochter op naam van de vader is verzekerd. Antwoorden A en C zijn niet integer.

 



Laatste update: 04/07/2019 12:19.26